pageviews

maandag 20 juli 2026

Onze reis in 2026 naar Scandinavie met de Marilena.

 




Het is waarschijnlijk dat dit wel eens onze laatste zeereis gaat worden, want vanwege gezondheidsproblemen gaat het nu ikzelf de jaren der sterken heb bereikt n.l.80 jaar, gaat het steeds beetje bij beetje moeilijker worden, met de bediening van zeilen, en ook het onderhoud van alles gaat met meer moeite, je denk bij jezelf, och dat doe ik wel even maar dan blijkt dat je er twee keer meer tijd en energie aan kwijt bent dan daarvoor, en dus moet je de planning flink bijstellen soms.
Enfin het is nu zover dat we kunnen vertrekken vandaag van onze ligplaats tussen Engwierum en Ee, maar eerst moet ik onze gastzeiler Gerrit ophalen uit Westergeest met de auto, en daarna ga ik de auto wegbrengen naar ons huisadres in de Molenkampflat, en ga ik de laatste boodschappen nog even ophalen met de vouwfiets. Na dat weer te hebben gedaan fiets ik terug naar de boot en daar doe ik toch nog bijna een halfuur over, snel alle boodschappen aan boord 
en ook de fiets, en dan start ik de motor en na de boot te hebben gedraaid in de smalle Ee wat daar ter plekke gelukkig net kan, varen we richting sluis waar we om halfacht aankomen.
Het schutten gaat snel, en al gauw varen we langs de jachthaven, we gaan niet de haven in want we willen graag morgenvroeg op tijd weg en daarom kunnen we alvast aan het remmingswerk bij de sluis vastmaken, het is wel weer meer dan een uur varen daarheen, maar kwart voor negen liggen we vast.
We zijn de enigste boot, alleen zitten er hier nog wat mensen te vissen, helaas hebben ze nog geen enkele vis weten te vangen, en na een uurtje taaien ze af.
Een halfuur later hoor ik opeens weer wat geluiden buiten en als ik ga kijken zie ik iemand in een kleine rubberboot zitten met een lcd schermpje aan die opeens

flink beet krijgt op zijn hengel, ik zie hem de vis aanslaan en even later blijkt het een snoekbaars re zijn van zo’n 80 cm.
Hij kon hem alleen niet uit het water krijgen, maar hij heeft twee vismaten op de steiger hier staan die er snel bij zijn met een schepnet, en dan is de snoekbaars even aan wal, na hem uitgebreid te hebben bewonderd laten ze nadat ze de haak hebben verwijderd, de vis weer zwemmen in zijn element.
Wij gaan nu maar te kooi, want morgen gaan we vroeg op weg, en de sluis draait om zeven uur, wij zijn van plan om acht uur te vertrekken richting Helgoland.

Het is ondertussen na een nacht goed geslapen te hebben, dat we wakker worden door geluiden van mensen die al druk bezig zijn om de sluis in te varen, want het is intussen 07:00 en dus gaan wij er ook maar uit, snel de kleren aan en dan eerst maar even ontbijten

Na het ontbijt horen we nog wat schepen naast ons die de sluis in willen, en dus gaan ook wij met nog drie andere jachten de sluis in, het schutten duurt wel even vanwege het grote verschil, maar om kwart voor negen varen we de sluis uit en het wad op.
Er staat weinig wind en die komt ook nog eens uit het noorden, en dus hijs ik het grootzeil alvast omhoog, en de Genua rollen we bij de verkenner WG wel af.
Halverwege gekomen meld ik ons nog even bij de verkeerspost Schiermonnikoog met de mededeling dat wij met drie personen aan boord onderweg zijn naar  Helgoland.
Om 11:00 uur stop ik de motor en rollen we de Genua af, en varen we met een snelheid tussen drie en vijf knopen richting Westereems boei.
Het is gelukkig net bezeild tot aan het windmolenpark boven Borkum, maar daarna word het knijpen, ik kom nog redelijk over de  geldzakplaat heen, en daarna gaat de wind iets krimpen vanwege waarschijnlijk het einde van het windmolenpark.
Wanneer we Juist zijn gepasseerd, komt er een wat vreemde bewolking opzetten, en ik vertrouw die lucht niet helemaal en na overleg met mijn bemanning gaan we voor de zekerheid toch maar een reef in het grootzeil doen, mocht het niet nodig zijn dan schudden we die er ook zomaar weer uit.
Het word echter wat anders, want ineens word het zicht om ons heen een stuk slechter, en zo ga ik niet naar de Eems/Jade boei om daar onze koers te verleggen naar 21 graden Noord op een plek waar veel scheepvaart bijelkaar komt.
Wat nu te doen ?. We hebben geluk, want we zijn erg dicht bij de verkennerboei van het Dovetief het betonde vaarwater naar Norderney, en ik stel voor om dat maar te doen, en dus na ampel beraad stuur ik op de verkenner af van het Dovetief.
Na snel de kaart te hebben geraadpleegt vinden we eerst nog een geelzwarte ton, maar die staat niet op mijn kaart dus verder zoeken maar weer, en ja daar is hij dan de roodwitte boei van het vaarwater naar Norderney. De volgende ton een rode ligt op een koers van 180 graden en ook die vinden we na enig zoeken.
De rest van de betonning tot aan de haven vinden we nog steeds dankzij de goede ogen van Aafke en Gerrit, het duurt wel lang voordat we bij de haveningang zijn, want de stroom is echt heftig ik vaar plankgas en haal maar net 3,5 knopen over de grond.
Eenmaal aangekomen bij de haven word het zoeken om een plekje en dat is voor onze diepgang van 2,20 m hier erg dun gezaaid, ik weet van vorige bezoeken dat ik alleen aan de kop van de lange steiger kan liggen en wanneer we daar dan aankomen ligt alles vol. 
Dus proberen we ergens aan de langskade een plekje te vinden, maar na twee mislukte pogingen zie ik een bootje liggen waarop enkele takkebossen op het achterdek liggen, dus een soort betonningsdienst, en na enig wikken en wegen maken we daar tenslotte maar vast met veel moeite want de bolders op het voor en achterschip zitten ver uitelkaar en de boot heeft in het midden geen gangpad om van de boot af te komen.
Na wat heen en weer gemanoeuvreerd te hebben lukt het ons om vast te maken, en kunnen we eindelijk even bekomen van alle wederwaardigheden van deze dag.
Even later nemen we er maar eentje op de goede afloop, want het had ook weleens nog mistiger kunnen worden, en daar brengen we dan maar ff een toost op uit.




Een twede poging om naar Helgoland te komen





De volgende morgen word ik wakker van een iemand die Hallo staat te roepen, en dus klouter ik uit mijn kooi en ga eens boven kijken wat of wie daar staat te roepen, het blijkt nadat ik ook een roepie roepie heb gedaan de havenmeester te zijn.
Hij zegt moin moin en direct er achteraan dat wij hier niet mogen liggen, nou ja dat had ik ook wel verwacht, maar ik zeg dat er vannacht geen enkele plaats ergens was te vinden vanwege onze tiefgang, van 2,20 m en dat kon hij wel begrijpen en na nog wat heen en weer gepraat kreeg ik hem toch zover dat we mochten blijven liggen, maar ik moest wel naar zijn kantoor komen om het havengeld te betalen, nou daar had ik geen probleem mee en dus ben ik na ons ontbijt op zoek gegaan naar zijn kantoor, en daar hing een bordje aan de deur ben op het haventerrein, nou dat word dus wachten maar gelukkig was hij er in tien minuten.

Toch maar even een selfie om te laten zien dat ik er was geweest.


Eerst dacht ik nog dat ik hem via een pinapparaat kon betalen maar nee hoor dat kon alleen in bar geld (cash dus) nou mij ook best het bleek slechts 20 euro te zijn en ik kreeg ook nog een officiële bon van hem met een stempel erop.
Dan word het weer tijd om te vertrekken, en het lijkt wel aardig te zijn met het zicht, want ik kan vanaf de boot het eiland Juist redelijk goed zien, we gooien dan ook al snel los en laten het betonningbootje waar met grote letters ook nog eens wasserschutzpolizei op staat achter ons en varen de haven uit om vervolgens via het door ons op de heenreis nagelaten spoor op onze plotter te varen naar de verkenner van het Dovetief.
Dit gaat echter niet zonder een aantal rare bonken op de zandruggen van het aldaar beruchte ondiepte van dat Dovetief, gelukkig is de Marilena een zeer sterk gebouwd schip en dus komen we na wat behoorlijke klappen weer in diep water terrecht.
Ik zeg tegen Aafke, dat ze nog wel even onder de vloer van de salon moet kijken of er ook water onder de vloer staat, na gekeken te hebben zegt ze dat er niets aan de hand is en dus varen we maar weer door via de andere door ons gepasseerde tonnen op de heenreis en zo zijn we even later weer bij de verkenningston van het
Dovetief zo nu eerst een koers uitzetten naar de ton vlak voor het ankergebied voor grote schepen en naar de ton is het nog zo’n 30 mijl dus 4 tot 5 uur motorzeilen daar naartoe.
Als we dan op zo’n 10 mijl afstand zijn, krijgen we weer met mist te maken, en daar word ik niet vrolijk van, want er komen hier allemaal trafficzone’s bijelkaar en om veilig hier door te varen is de AIS onontbeerlijk, en dus start ik mijn ipad op want daar staat mijn AIS ontvanger op en kan ik dus alle schepen zien die hier naartoe varen, gelukkig zijn dat er minder dan 10 stuks en er zijn er maar vier waarvan ik hinder van kan ondervinden, en tot nu toe kan ik ze ook bijna allemaal nog zien in de nevel die om ons heen hangt.
Als we er dan bijna zijn hebben we slechts met nog een schip te maken en dus ga ik maar even een poosje over de andere boeg varen en als hij voor ons langs is gevaren gaan we weer onze oude koers voorliggen en dat is helaas 30 graden i.p.v.21 graden naar de verkenner van Helgoland.
Nou dat is allemaal mooi uitgekomen en het zicht viel mee tot nu toe, echter begint het er op te lijken dat de mist dikker word en ook de cirkel om ons heen word kleiner, en dat word dus opletten geblazen, het is nu nog 13 mijl naar Helgoland.
Inderdaad word dit weer een spannend stukje want voor ons zie ik op de AIS dat er nog een aantal schepen onze weg kruisen maar na wat rekenwerk kom ik er achter dat ze of voor ons of achter ons langs zullen varen.
Ik kan alleen maar hopen dat het zicht beter word want Helgoland is wel niet zo moeilijk om aan te lopen, maar ik heb toch liever wat zicht tegen die tijd.
Maar tot onze verbazing breekt opeens de zon door eerst nog heel laag op de horizon word het licht en even later trekt de mist op en kunnen we weer op zicht navigeren.
Wanneer we nog een goede mijl van de verkenner afzijn strijken we het grootzeil alvast want dan hebben we daar straks in de haven geen last meer van..
, en hebben we wat meer tijd om een goede plek te vinden, nou eenmaal in de haven aangekomen blijkt dat er behoorlijk wat jachten liggen en niemand wil ons eigenlijk naast zich hebben vanwege vertrek om vier uur vannacht, en dus probeer ik aan te meren naast een groot jacht wat aan het eind van de haven ligt, maar ook die wil niet dat we tegen het aanmeren, want van de havenmeester mag er maar één schip op die plek liggen.

Hier liggen we naast het grote strijkijzer met z’n vriendelijke bemanning, Aafke en Gerrit staan op de kade, na de beklimming van de ladder in de kade.het was toen bijna HW.



Dan gaan we het maar proberen naast een groot strijkijzer van een boot en daar zijn ze een stuk vriendelijker aan boord, en we maken zonder problemen aan hen vast, we ruiken wel een dieselolie lucht rondom het schip, maar dat houd ons niet tegen om vast te maken.
Hè hè nu eerst nog even het grootzeil beter opdoeken en schoon schip maken en dan is het tijd voor een aankomstborrel het is ondertussen middernacht geweest
Het was weer een enerverende dag en alles viel gelukkig weer op zijn plaats, en nu naar kooi, het is mooi geweest.


Een dagje passagieren op Helgoland.



Na een goede nachtrust te hebben gehad, die we wel nodig hadden na alle wederwaardigheden, en nadat we ons ontbijt hebben verorbert, gaat Gerrit op weg naar de Havenmeester om het havengeld te betalen, en dat kan niet zonder hulp van onze buren van het strijkijzer, we liggen namelijk niet zoals dat vroeger was aan een drijvend vlot dat bij de muur werd gehouden door een ketting en dus kon je vastmaken aan dat vlot en ermee op en neer  gaan zodat je niet steeds met lijnen zat te klooien vanwege hoog en laagwater.
Nu ligt er een ronde balk waar je tegen aan kunt liggen en met een hele rij stootkussens tegen de kademuur blijf je vrij van de kant, echter wanneer het zoals nu noordewind is waai je met boot en al van de kant af, en kun je met geen mogelijkheid bij de trap komen om naar boven te klauteren.
Gelukkig zijn de drie mannen die op het strijkijzer zitten zo vriendelijk, om met de hek, en boegschroef de boot naar de kademuur te manoeuvreren zodat je op de trap in de kademuur kunt stappen om naar boven te klimmen.
Gerrit is voor zijn leeftijd nog in staat om deze hindernis te nemen, en daar hadden de heren strijkijzer wel respect voor, en ook wij uiteraard, al zijn wij ook de jongsten niet meer.
Een halfuur later komt hij weer op dezelfde manier terug met behulp van het trio strijkijzer zal ik maar zeggen.
Om een uur of halftwee gaan ook wij drieén geholpen door het trio van hiernaast de wal op om wat beweging, en er blijkt een soort braderie te zijn met een shantykoor uit Cuxhafen en ook zijn er allerlei kraampje’s met van alles en nog wat in het dorp, het is er gezellig druk, en wij kunnen dus ook heerlijk even genieten van alle dingen om ons heen vanaf één van de vele bankje’s die overal staan.
Nadat we het hier wel gezien hebben gaan we met de lift naar boven, en gaan we een korte wandeling maken langs de klippenrand, Gerrit en Aafke geven er op het laatst de brui aan, en willen wel even een tijdje op een bankje zitten, intussen ga ik nog even verder richting lange Anne om nog wat filmpje’s te maken van de Jan van genten die om deze tijd al flinke jongen hebben.




Na een paar filmpje’s te hebben gemaakt, ga ik weer terug naar waar ik Aafke en Gerrit op een bankje heb achtergelaten, en dan wandelen we via de kortste route richtng ons vaste stekkie wat vroeger Krebs was, maar als we daar aankomen blijkt de zaak gesloten te zijn, en zo te zien is er ook nog geen opvolger voor de laatste uitbater.
Erg jammer want je vind niet zomaar een andere leuke plek met uitzicht op Dune en het Unterland, enfin we gaan maar even op zoek om wat te drinken en/of 
Iets te knagen.
Omdat het hier feest is, zijn erg genoeg stalletjes en Aafke zegt dat ze wel zin heeft in pommes friet, en dus sluiten we maar aan in de rij, na 10 minuten zitten we aan een papieren schaaltje met mayonaise erbij te smikkelen op een grote ronde bank, die Gerrit had uitgekozen, de pattatten zijn nogal zout en dus minder geschikt voor mij , maar voor een keertje moet dat kunnen toch.
Ook hadden we al even wat inkopen gedaan bij één van de vele drank en andere genotmiddelen winkels die hier zijn, ik heb slechts 1 fles Beafeater gin en een fles Stroh rum van 80% gekocht, en Gerrit heeft een fles Asbach Üralt uitgekozen eerst had hij het over Franse Cognak, maar die kost hier op Helgoland evenzogoed nog € 45,= en dat was het hem niet waard.
Na onze patatten naar binnen te hebben gewerkt, besluiten we om op de boot maar een biertje te gaan drinken, en dus zetten we koers richting haven.
Daar aangekomen is het nu dus laagwater, en dat word dus weer een ganse onderneming om weer aan boord te komen via de steile ladder in de kademuur.
Gelukkig is hulp voor ons aanwezig van de schipper van het strijkijzer waar we tegen aanliggen, en die duwt zijn boot met boeg en hekschroef stijf tegen de kade zodat we, nadat we de trap zijn afgeklauterd op zijn boot kunnen stappen.
Onze kostbare schatten in vloeibare vorm laten we via een van hem geleende lijn voorzichtig naar beneden zakken.
Nu nog even van zijn schip op ons schip klauteren, gelukkig  dat goed en zonder brokken, en even later zitten we van een lekker witbierttje te genieten.
Ondertussen maken we onze plannen, en besluiten we om morgenvroeg om zeven uur te vertrekken richting Cuxhafen, ik heb uitgerekend dat we daar met het volgende HW om ongeveer 12:30 aan te komen om daar dan maar te tanken, als er tenminste geen lege tank is zoals de vorige keer.
Ik had hier graag willen tanken, maar het kwam niet goed uit met de tijd dat we hier zijn, en het scheelt nu de prijzen van de diesel overal aan het dalen is waarschijnlijk ook niet zoveel.
Er staat helaas voor morgen geen wind op het programma en dat word dus weer 5-6 uur moteren, en dat is niet leuk.

Op naar Cuxhafen aan de rivier de Elbe


Om zes uur gaat de wekker, en we weten dat we er ook echt uitmoeten willen we op tijd vertrekken, dus zijn we ook op tijd, en vertrekken we om 07:10 uit de haven, en zetten koers naar de monding van de Elbe, die we na drie uur achter het Ankergebied langs, van de grote schepen aan de rode tonnenkant opvaren om straks waar de geul het smalst is, over te steken naar de groene tonnenkant.
Wanneer we daar dan zijn kan het allemaal net, want aan de groene kant vaart een sleepboot met een groot ponton achter zich met de poten van twee grote windmolens erop in dezelfde richting varen als wij, en wij varen maar net iets sneller dan hun, ook heeft de sleep nog een sleper aan zijn achterkant om het zaakje in goede banen te leiden en daartussen zitten natuurlijk sleepkabels.
Door goed op te letten weet ik, door schuin over te steken het zaakje voor te blijven, en zitten we mooi aan de groene kant, en hebben geen last meer van de sleep.
In de verte zien we Cuxhafen al liggen en  daar gaan we proberen wat diesel in te slaan, om een uur of halfeen zijn we ter plaatse en gaan we direct als we de haven binnenvaren naar de tankstelle en leggen we de boot voor de dieselpomp neer.
Eerst maar even kijken of alles in orde is met de pomp en of er ook ergens een epistel hangt waarop te lezen staat dat er geen dieselolie te krijgen is.
Er hangt nergens zoiets, maar wel zie ik dat de pomp een literprijs van € 2,32 /ltr aangeeft, en daar worden we niet blij van uiteraard.
We besluiten om toch maar wat liters in de tank te doen, maar je moet hier om te tanken een bedrag invoeren, en dan slaat hij daar automatisch bij af.
Ik besluit om voor € 80,= te tanken want dat hebben we ongeveer nodig om nu nog naar Brunsbûttel te varen en dan ook nog 99 km door het Kielerkanaal
Zo gezegd zo gedaan, en direct na het tanken, zetten we weer koers naar Brunsbûttel want het is nu wel HW, maar de stroming blijft nog wel meer dan 2 uur doorlopen en dan zijn we mooi op het moment van stilstand bij de sluis.
Alles komt precies zo uit als ik het had berekend, en om 15:30 liggen we in de sluis met nog een zestal andere jachten, waarvan er twee bij zijn die meededen aan de CAMRACE naar Larvik in Noorwegen, maar ze waren gestopt met de race omdat het bijna niet te doen was vanwege de Noordenwind en de daarbij horende golfhoogte, ze waren allemaal bekaf omdat ze niet konden slapen en bij de EFB Boei waren ze uit de wedstrijd gegaan, ze hadden onze boot de Marilena herkent van onze eerdere deelnames aan deze race, en kwamen even naar ons toe tijdens het schutten in de sluis, om te vragen waar ze nu nog naar toe zouden kunnen voor de nacht, ik heb ze aangeraden om door te gaan naar het Giesselaukanaal, want daar kun je één nacht gratis liggen.
Wij zijn nadat we uit de sluis zijn gevaren hier de jachthaven bij de sluis binnengegaan, en daar vonden we nog een mooie plek helemaal achteraan, waar we nog nooit eerder hadden gelegen omdat die plekken meestal bezet waren.
Even later is er opeens actie want er wil een boot naast ons afmeren en die maakt vast aan de achter ons ligende moorring, en dus helpen wij hun even met het vastleggen van hun boot voor aan de kade.
Weer een poosje later is er wat gaande aan boord van onze buurlui, want er staat een brancard op de kade met twee mensen van de hulpdienst, en we zien dat onze buurman even later mee word genomen, Aafke wil weten wat er aan de hand is, en gaat van boord, loopt er naar toe en spreekt met onze buurvrouw die haar man staat na te wuifen..
Als Aafke even later weer aan boord komt, zegt ze dat de buurman een liesbreuk heeft en naar het ziekenhuis moet voor onderzoek, nou dat valt dus mee waarschijnlijk, alleen had hij het al toen ze in Kiel in de sluis lagen te wachten, en na gebeld te hebben met de hulpdiensten,deze actie al vanaf daar hadden geregeld.

Nu op weg naar het Gieselaukanaal.

Na een goede slaapsessie, zijn we weer reisvaardig, en vertrekken naar Gieselaukanaal om daar vannacht gratis te liggen, hier was het ook al gratis want er is geen havenmeester meer, en dat is in Kiel precies hetzelfde nou dat vinden wij helemaal niet erg hoor, want de havengelden zijn de laatste tijd net als veel andere zaken een stuk duurder geworden.
Het is 35 km naar het Gieselaukanaal en dat is zo’n drie uur varen, het trouwens wel heel rustig in het Kielerkanaal want noch van voren alswel van achteren komt geen schip ons achterop of tegemoet, en ook zijn er bijna geen wandelaars vissers of fietsers aan de wal te zien, heel vreemd.

Uitzicht op brug en sluis van het Gieselau kanaal


Na drieen een half uur komen we aan bij het Gieselaukanaaltje en vinden al snel een plekje achter een stel Nederlanders die hier ook net zijn, aan het eind van de middag ligt het aan beide kanten voor de brug met sluis vol, wij liggen gelukkig aan die kant waar schaduw is door de bomen die er staan.
Wanneer we de andere morgen, naar de douche’s gaan, blijken er helemaal geen douche’s te zijn, terwijl wij hadden gehoord dat die zo goed waren. Nou jammer dan, dan word het dus Kiel waar we wel vaker gedoucht hebben, maar het was daar niet alle keren schoon, en soms erg druk met jeugdgroepen die meevaren op de Nederlandse charterschepen,die daar ook wel gebruik van maken.De gemakkelijk te onthouden toegangscode is al de jaren dat wij daar komen altijd 4711 voor de heren en 4712 voor de dames. (au de Cologne)
Wanneer we teruglopen naar de boot raken we in gesprek met onze achterburen, en die hebben een boot gekocht in Zweden en daar zijn ze dus mee onderweg naar huis, het is echt een mooi schip niet te breed en ongeveer 10-11 m lang en van de twede eigenaar en het is het vierde bouwnummer van de wef, ze houden een heel verhaal, over wat er allemaal wel niet op en aan zit, en dat ze ook nog gesproken hebben met de eerste eigenaar die inmiddels 84 jaar oud is.
Na al hun verhalen en hun enthousiasme te hebben aangehoord, gaan we weer aan boord en even later gaan we op weg naar Kiel wat we wel hopen te bereiken want we zijn er ondertussen achtergekomen dat er een complete sluiting was voor alle vaarverkeer, vanwege het plaarsen van een nieuw brugdeel in een van de bruggen net even voorbij Rendsburg.

Ik weet niet wat hier de bedoeling van is, maar de doorvaarthoogte word wel hoger.


Na op internet te hebben gekeken blijkt dat ze dat hebben gedaan vanaf 17:00 uur s’middags tot de andere ochtend  09:00 uur en dus verwachten wij geen oponthoud hierdoor te hebben.
Inderdaad want wanneer we Rendsburg zijn gepasseerd blijkt er geen vuiltje meer aan de lucht te zijn, en kunnen we gewoon doorvaren naar Kiel waar we ons voegen bij nog een aantal wachtende jachten aan de linkerkant van de oever waar een wachtsteiger is met een betaalautomaat, maar wij hebben in Gieselau al betaald, en kunnen dus probleemloos de sluis in varen.
We moeten nog wel even wachten tot het vrachtschip dat samen met ons de sluis ingaat vast, en stil ligt en dan mogen ook wij aan bakboord gaan liggen.
Het schutten gaat snel, en even later varen we naar de de lange steiger, waar aan het einde nog een aantal plaatsen vrij zijn we liggen in no time vast aan de ronde meerpalen, en meten eerst nog maar even de diepte hier ter plekk, we hebben een meter ruimte onder de kiel, en raken hier niet aan de grond met onze 2,2 m.



Water en olie onder de vloer ! .. wat is er aan de hand.


Omdat onze boot, net als veel andere boten wel eens wat water vermengd met olie onder de motor heeft staan, en dat moet zo nu en dan wel weggehaald worden, vond zij dat er deze keer meer stond dan gebruikelijk, en daarom ging ze even door het inspectieluikje in de vloer van de Salon kijken en ontdekte dat hier ook wat water stond en dat is normaal nooit aan de orde, en moet verder worden onderzocht.
Eerst maar eens proeven of het zout of zoet water is, na geproefd te hebben vind ik dat het niet echt zout water is, en dus zou het erin gekomen moeten zijn in het Kielerkanaal, want dat is zoet water met een beetje zout vanwege de sluizen.
Wat ook kan is onze grondberoering bij Norderney, maar dat hebben we een aantal malen gecontroleerd, en de bilge was droog, ook zou het kunnen dat een van de drie drinkwatertanks bij de grondberoering lek is geraakt of dat er een vulslang los is geschoten en er zo water in de bilge is geraakt. 
Om er achter te komen dat er drinkwater uit de bakboord tank is gelekt moeen de platen hout waarop de zitkussen liggen weggenomen worden om dat te controleren.
Maar allereerst moet het droog worden gemaakt, en dat kan vie de elektrische dompelpomp die daar al jaren onder de vloerdelen ligt.
Dus nemen we het vloerdeel eruit, en sluiten we de pomp aan op onze omvormer want de pomp is een gewone wisselstroom pomp, wanneer ik hem heb aangesloten en via het drijvertje heb aangezet gebeurt er niets, en dus rommel ik er wat mee om, en dan zegt Aafke ik krijg een elektrische schok, en als ik dan ook  met mijn tengels in het water dat in de bilge staat kom, voel ik ook stroom.
Ik weet dan ook direct waar het vandaan komt , want de pomp staat aan maar draait niet, en dus zit er kortsluiting ergens in de pomp, snel ren ik naar de omvorme en schakel hem uit en haal direct de stekker erui.
Nou was dat ff schrikken !. Er zit nu niets anders op dan met een hoosvat en waterzuigende sponzen het water eruit te halen, en dat gaat prima want erg veel water staat er niet, dus na de zaak droog e hebben gemaakt, komt er niet ergens water weg.
Ook halen we de andere vloerdelen eruit, maar die blijken inderdaad ook nat te zijn, niet erg maar toch. Het is ondertussen al na tienen en we stoppen ermee
en gaan morgen wel verder met deze onverwachte lekkage. 
Omdat wij onze voorraad victualiën ook onder de vloer hadden, maken we die compartimenten nog even weer droog en doen de vloerdelen daar weer op hun plaats want daar is verder niets Te zien wat lekkage betreft.


Speurtocht naar de lekkage.


Om een uur of negen komen we uit onze kooi en na het ontbijt halen we alle kussens en spullen weg uit de Salon en haal ik de plaat weg waaronder de drinkwatertank zit, erg veel schroeven op slechtbereikbare plekken, maar als het allemaal verwijderd is blijkt het overal kurkdroog te zijn, nou dan kunnen we dat uitsluiten, ook kijk ik de vulslang en uitgang en ook de ontluchtingslang blaas ik nog maar even door.
Nu eerst koffie, en dan alles weer monteren, als het dus geen watertank is da moet het dus bij de motor vandaan komen, na het water en de olie die er boven opdreef te hebben weggehaald start ik de motor, en Aafke zegt ik zie waar het lekt, het is de wierpot die heel lichtje’s lekt aan de rand, gelijk draai ik de grote vleugelmoer aan die het deksel op de afsluitring dichtdrukt en die zat inderdaad niet meer zo vast, waarschijnlijk losgetrild vanwege de trillingen van het hele ding want er zitten wel dikke stugge aan en doorvoerslangen aan.
Direct ga ik aan de slag, en zet de kraan van de toevoerleiding dicht schroef het deksel los en ga de boel schoonmaken en met nieuwe vaseline ertussen weer monteren.
Na de motor weer te hebben gestart, is er geen lekkage meer te zien, ik stop de motor, en nu ga ik de motorruimte nog even goed schoonmaken.
Echter zit ik nu met twee emmers die voor 98 %  volzitten met water, en voor 2 % erbovenop met gelekte motorolie, maar hoe scheid ik dat even op een schone simpele manier.
Na enig nadenken ga ik het proberen om het water weg te hevelen onder het laagje olie met een plastic slang die ik bij de brandstoftank over heb gehouden, om hem recht te houden in de emmer heb ik nog wel een vlaggestokje liggen die ik met ducktape aan de slang vastplak, en met mijn vinger voor het gat van de slang houd ik die door hem door de laag olie heen in de onderste laag water weer open te doen nu even aan onderkant zuigen tot hij begint te lopen in de emmer die lager staat.
Aafke bi aan om te zuigen, en  jahoor het lukt om op deze manier het water onder de olie weg te halen, en door de vinger op de opening van de slang te houden stop je het, als je denkt dat er olie mee gaat stromen.
Op deze manier kan ik het water in de emmer zo in de gootsteen laten weglopen, het restand olie wat er nog in de emmer zit giet ik even in een leeg yerrycantje.
Nou probleem opgelost, morgen breng ik het wel even naar de millieu container toe, met alle vuile doeken in een plasticzak erbij, en dan is dit klusje geklaard.


Van Kiel naar Bagenkop in Denemarken verheid 30 zeemijlen.



Zo goed ik mij herrinner gingen we vanmorgen om ongeveer 10:50 weg aan de steiger met weinig tot geen wind, toch doen we het grootzeil direct maar omhoog en gaan we motorsailend richt Laboe, we moeten nog wel even uitwijken voor wat grote schepen, maar kunnen nog mooi een koers voor gaan liggen waarbij ook het grootzeil ons nog wat extra snelheid oplevert.